1 tegen 100

In deze werkvorm neemt één student het op tegen de rest van de klas. De docent heeft een serie meerkeuzevragen voorbereid in diverse categorieën. Per categorie is er de keuze tussen een moeilijke en een makkelijke vraag. Eén student staat voor de klas en krijgt de opdracht om de rest van de klas te verslaan.
De docent leest een categorie voor en geeft de student voor de klas de keuze om een moeilijke of een makkelijke vraag te krijgen. De student maakt een keuze en vervolgens wordt de vraag gesteld. De student voor de klas wacht met antwoorden. De overige studenten krijgen namelijk eerst de tijd om hun antwoord op een blaadje te schrijven. Dit moeten zij voor zichzelf doen. Na een korte tijd (zo’n 20 seconden) moeten alle studenten het blaadje met het door hen opgeschreven antwoord omgekeerd op de hoek van hun tafel leggen, zodat het antwoord voor niemand anders zichtbaar is. Vervolgens krijgt de student voor de klas de mogelijkheid om een antwoord te geven. De docent vertelt direct of dit antwoord goed of niet goed was. Wanneer het antwoord goed is, mag de student voor de klas blijven staan en verder spelen. Vervolgens houden alle studenten in de klas het blaadje met het antwoord dat zij hebben gegeven omhoog. Wanneer een student een antwoord verkeerd heeft is hij af en mag hij niet verder meespelen. De student voor de klas heeft deze student dan weggespeeld. Dit wordt herhaald totdat de student alle medestudenten heeft weggespeeld of totdat de student voor de klas een antwoord fout heeft. Wanneer dit het geval is ruilt hij van plaats met een student welke nog over is gebleven uit de klas. Alle overige studenten mogen dan weer meespelen want het spel begint opnieuw.

21st Century Skills

Kritisch denken
Creatief denken
Probleem oplossen
Communiceren
Samenwerken
Zelfregulering
ICT-basisvaardigheden
Mediawijsheid
Informatievaardigheden

Loopbaancompetenties

Netwerken
Kwaliteiten
Motieven
Werk exploratie