Pictionary

De studenten krijgen de opdracht om middels het spel pictionary begrippen, processen, woorden of personen te raden die te maken hebben met een bepaald onderwerp.
De docent bereidt enkele kaartjes voor met daarop de begrippen, processen, woorden of personen welke de studenten dienen te raden. De klas wordt verdeeld in een even aantal groepen. Twee groepen nemen het tegen elkaar op. Iedere groep krijgt een stapel met kaartjes met daarop de begrippen, processen, woorden of personen. De klas wordt bijvoorbeeld verdeeld in twee teams: team A en team B. Een student uit team A wordt naar voren geroepen en pakt een kaartje van het stapeltje van zijn team. Hij leest wat er op het kaartje staat en probeert vervolgens via een tekening aan zijn team duidelijk te maken wat er op zijn kaartje stond. Het team mag raden. Na een minuut is de tijd op. Zodra het team dan nog niet geraden heeft wat de student probeerde te verbeelden, krijgt het andere team (Team B) de mogelijkheid om te raden wat de student heeft proberen uit te beelden. Wanneer er een goed antwoord wordt gegeven krijgt het team dat het goede antwoord geeft een punt. Vervolgens is het de beurt aan een student uit team B om een kaartje te pakken en hetgene wat hier op staat te tekenen. Team B dient in eerste instantie te raden wat er wordt uitgebeeld. Dit kan herhaald worden totdat alle studenten uit een bepaald team aan de beurt zijn geweest. Het team met de meeste punten wint.

21st Century Skills

Kritisch denken
Creatief denken
Probleem oplossen
Communiceren
Samenwerken

Loopbaancompetenties

Netwerken
Kwaliteiten
Motieven
Werk exploratie